|
|
Anekdotes
en
Wetenswaardigheden
|
| Onbewezen
verhalen en feiten voor de liefhebber. |
|









|
Elke regio en elk
dorp heeft zo haar eigen anekdotes en wetenswaardigheden. Feitjes
die net niet belangrijk (of bewezen) genoeg zijn om in de
daadwerkelijke geschiedschrijving opgenomen te worden. Dat soort
feitjes kunt u terug vinden op deze pagina. Variërend van
"leuk om te weten" tot "leuk bedacht".
|
|
Overzicht
van de verhalen
(klik
op een onderwerp om er direkt naar toe te gaan)
|
|
Kiste
Trui en Milsbeek
Wat
kostte een kapelaan?
Jan
den Duvel en Milsbeek
De
Milsbeek-stenen
Het
rijbewijs
De
bakkersezel
Prestatieloon
Milsbeekse
aard
Café
en kerk
Van
bloempot naar keramiek
Station
Milsbeek / Forest Loop
Bronzen
dolk uit de Maas
|
|
Anekdote:
Kiste
Trui en Milsbeek
Rond
de bekendste gebeurtenis van de 80-jarige oorlog, de slag op de
Mookerheide op 14 april 1574, doet een inmiddels bekende sage de
ronde. Toen Lodewijk en Hendrik van Nassau de slag verloren, zijn
ze volgens de overlevering met schatkist en al in de moerassen
aldaar terecht gekomen. De sage van Kiste Trui, die verhaalt over een vrouw die
haar hele leven lang naar deze schat gezocht heeft, is de laatste
jaren wel erg bekend geworden door het plaatsen van een
standbeeld in Mook en de uitgifte van miniatuurbeeldjes. Maar
wellicht heeft Kiste Trui wel altijd op de verkeerde plaats
gezocht. Toen Wim Bindels de streekroman over Jan den Duvel las,
stuitte hij op een passage over een Groesbeekse smid die zo mooi
kon vertellen over de oudheid, waaronder de slag op de
Mookerheide. En als men die smid moet geloven zit de schat
helemaal niet nabij de Riethorst in Plasmolen maar zit de schat
nog steeds in het Koningsven te Milsbeek. Als Kiste Trui dit nog
zou horen, draaide ze zich nog om in haar kist.
Over
Jan den Duvel
Terug
naar Geschiedenis
|
|
Wetenswaardigheid:
Wat
kostte een kapelaan?
De
kapelaan van Ottersum had tot taak om eenmaal per week naar
Milsbeek te gaan voor het opdragen van de H. Mis. Voor het gaan
naar de kapel in Milsbeek kreeg de kapelaan 3 malder rogge
(ongeveer 160 kg.) De rogge kwam van een veld dat "de Wankum"
wordt genoemd en dicht tegen de grens met Middelaar ligt tussen
het Achterbroek en de Pastoorsdijk. De verplichting tot het
leveren van die rogge aan de kapelaan werd pas in de eerste
decennia van de 20ste eeuw uitgekocht.
Terug
naar Geschiedenis
|
|
Wetenswaardigheid
& Anekdote
Jan
den Duvel en Milsbeek
De
legendarische Jan den Duvel dreef rond 1900 dicht bij de Wellse
hut een kleine herberg voor landlopers en smokkelaars. Eén van de
mensen die blijkens het boek over Jan den Duvel in de 19e eeuw in
de regio Milsbeek gewoond moet hebben, is de vader van Jan den
Duvel. Hij heette Gradus Janssen en moet ongeveer geboren zijn
omstreeks 1813. Waar hij gewoond heeft is niet vermeld, maar je
zou bijna gaan denken dat dit in de buurt van de nabij Plasmolen
gelegen "de Hel" of "het Vagevuur" moet zijn
geweest.
Naar
Kiste Trui
|
|
Wetenswaardigheid
De
“Milsbeek-stenen”
De
van de werkzaamheden aan de Maas afkomstig zijnde klei mag dan van
goede kwaliteit geweest zijn, een steenfabriek vergt ook kennis en
arbeid. Het
in de Milsbeekse steenfabriek gehanteerde productieproces was in
het begin zeer eenvoudig. De vormgeving geschiedde door middel van
handvormen en later door een stoommobiel, waarna de stenen
vervolgens in droogrekken werden geplaatst.
Het
bakken van de gedroogde stenen geschiedde in veldovens. De stenen
werden tussen twee dikke muren gestapeld en daarna afgedekt.
Daartussen werd met turf vuur gestookt. Het geheel vergde een hoog
energiegebruik en veroorzaakte een groot verliespercentage door
breuk, scheuren en een te zachte kwaliteit.
Het
feit, dat dit proces erg arbeidsintensief was, verschafte een
aantal Milsbekers werk. Het was wel zwaar werk. Bovendien werd
langzamerhand de naam van het nog onbekende Milsbeek door deze
steenfabriek naar buiten gedragen. De "Milsbeek-stenen"
werden een begrip in de verre omgeving, vooral toen het bedrijf na
enkele keren van eigenaar te zijn gewisseld in 1931 in handen kwam
van Jan Huisman, welke uit Wijk bij Duurstede afkomstig was en al
een goede naam had in de steenbranche. Het bedrijf werd door hem
in 1931 geheel gemoderniseerd door de bouw van een ringoven en is
sindsdien steeds aan de eisen van de tijd aangepast.
Terug
naar geschiedenis
 |
|
Wetenswaardigheid
& Anekdote
Het
rijbewijs
Een
pikant detail van de jaren tussen de eerste en de tweede
wereldoorlog is dat vele Milsbekers in de loop der jaren bij Kuhn
het rijbewijs hebben gehaald. Het ging in die tijd heel wat
eenvoudiger dan nu. Het rijexamen bestond vaak slechts uit het een
eindje over de Zwarteweg rijden met een auto en vervolgens te
keren en terug te rijden. Degenen die daarna nooit meer auto
hebben gereden maar dit rijbewijs wel van jaar tot jaar verlengd
hebben, beschikten echter nog jarenlang over een geldig rijbewijs.
Terug
naar geschiedenis
|
|
Anekdote
De
bakkersezel
Bakker
Vic Geene was in de jaren ’20 – ’30 een bekend dorpsfiguur
en niet minder bekend was de voor zijn bakkerij onmisbare
muilezel. Het beest moest op de eerste plaats zorgen voor het
voortbewegen van de deegmachine en daarvoor moest het in de achter
het huis gelegen manege eindeloos rondjes lopen om een stang voort
te bewegen. Via tandwielen en assen werd deze beweging naar de in
de bakkerij staande deegmachine overgebracht en werd het deeg
gekneed.
Maar
ook werd de ezel gebruikt voor het bezorgen van het gebakken brood
en dit verzorgingsgebied reikte verder dan Milsbeek zelf. Zo werd
er verteld dat toen Karel van Bergen bij Vic Geene als
bakkersknecht kwam werken, hem gevraagd werd brood in Groesbeek te
bezorgen. Karel moet geantwoord hebben dat hij in Groesbeek geen
weg wist, laat staan dat hij de klanten van zijn baas wist te
wonen. Vic stelde hem echter gerust en meende dat het geen
probleem hoefde te zijn. Karel moest de ezel maar zijn gang laten
gaan en waar die stopte dat waren de klanten waar hij naar binnen
moest.
Terug
naar geschiedenis
|
|
Anekdote
Prestatieloon
Als
prestatieloon bij het klaarmaken van de bouwplaats voor de kerk
werden zowel voor als na de middag sigaren uitgedeeld door pastoor
Hoefnagels. Twee voor degenen die met kar en paard waren gekomen
en een voor de werkers met de schop. Het tijdstip waarop de
pastoor met de sigaren kwam schijnt al weldra bekend geweest te
zijn en het was er op dat tijdstip naar wordt verteld verdacht
druk. In totaal heeft pastoor Hoefnagels zo'n duizend sigaren
uitgedeeld.
Terug
naar geschiedenis
|
|
Anekdote
Milsbeekse
aard
Uit
overlevering weten we over meester Hendrickx, dat het men opviel
dat deze zich in de beginperiode nogal gereserveerd opstelde tegenover
de koorzangers, van wie hij dirigent was. Hij deed wat schichtig
en ging na de repetitie zo snel mogelijk naar huis. Toen hij kort
daarna trouwde en het koor een mooi cadeau voor hem kocht, brak
het ijs echter langzaam. Later kwam de aap uit de mouw. Men had
hem na zijn benoeming gewaarschuwd voor dat "Milsbeekse
volk", dat - zo was hem verteld - grotendeels bestond uit
drinkers en vechtersbazen. Nadat hij de ware aard van dit volkje
echter beter had leren kennen beleefde hij nog vele fijne jaren in
Milsbeek.
Terug
naar geschiedenis
|
|
Anekdote
Café
en kerk
Café “’t Centrum” werd gebouwd
door en op grond van Bouhuis uit Plasmolen, welke op de hoek van
de Schoolstraat en de Kerkstraat lag. De grond lag aan twee zijden
ingesloten door het eigendom van de kerk en in feite voor de
school. Het kerkbestuur wilde daarom dit perceel kopen, maar vond
de vraagprijs van f 400,- te hoog. Bouhuis zag er echter wel winst
in en bouwde er dus o.a. een café. Pastoor Hoefnagels was er
steeds sterk tegen gekant geweest dat er een café kwam zo dicht
bij de kerk. En toen op een zaterdag het café werd geopend met
gratis bier drinken, hetgeen tot gevolg had dat het feest tot diep
in de nacht duurde en velen te diep in het glaasje keken, trok
pastoor Hoefnagels al in de vroegmis fel van leer. Nadat Jacobus
Pluk, de eerste caféhouder aldaar, dit ter ore was gekomen,
haastte hij zich geschrokken naar de pastoor toe en bood hij zijn
excuses aan. Het bier was tenslotte geschonken door de brouwerij
en daar kon hij ook niets aan doen. De toon van de preek van de
pastoor in de Hoogmis moet daarna al heel wat milder zijn geweest
en de toestand stabiliseerde zich snel.
Foto's
Terug
naar geschiedenis
|
|
Wetenswaardigheid
Van
bloempot naar keramiek
Uit
de fabrikage van bloempotten heeft zich in Milsbeek een andere tak
losgemaakt, te weten de productie van keramiek. Reeds de gebr.
Bindels maakten in de Potkuilen keramiek. Zo maakten zij voor de
parochie de prachtige grote kaarsenkandelaars die voor de oorlog
in de kerk moeten hebben gestaan. In Milsbeek heeft dit echter
vooral gestalte gekregen in "De Olde Kruyk" aan de
Oudebaan. Peter Linders en de al eerder genoemde Wim Jansen
maakten zoals gezegd aanvankelijk gewoon bloempotten maar voor of
na de gewone werkuren draaide Wim Jansen uit liefhebberij
"sierpotjes", terwijl Peter Linders deze dan glazuurde.
De sierpotjes werden vooral vanuit Plasmolen afgenomen. De
eigenaar van de hotels "De Plasmolen" en "De
Jansberg" stuurden vaak gasten, welke veelal een goed gevulde
beurs hadden, in de richting van "De Olde Kruyk". Verder
was er dan nog de "handelsgeest" van Peter Linders - Jan
Linders van de supermarkten die oomzegger was van Peter had zijn
kwaliteiten zeker niet van vreemden - die er garant voor stond dat
de rest verkocht werd. Peter trok met het spul naar alle mogelijke
markten tot Amsterdam toe.
Wat
begon als een hobby, werd van lieverlee een volledig beroep in
"De Olde Kruyk" en het bleef daar niet bij. Toen het
aantal ondernemers in de bloempottenfabricage weer terug liep,
groeide het aantal zelfstandigen dat sierpotten ging maken.
Terug
naar Geschiedenis
|
|
Wetenswaardigheid
Station
Milsbeek / Forest Loop
Milsbeek
heeft korte tijd een eigen treinstation gehad aan de zogeheten Hawkins
Link. De
15 kilometer lange Hawkins Link kwam op 26 februari 1945
gereed en was in een tijd van twee weken aangelegd. De lijn takte
af bij het voormalige station Mook-Middelaar en liep langs de
Bovensteweg (bij de kruising met de Groesbeekseweg werd een
wagenbak geplaatst) en vervolgens via de Rijksweg door Plasmolen
en Milsbeek. De spoorlijn lag hier in de oostelijke berm van de
weg, waarbij zich de bijzonderheid voordeed dat nu aan beide
zijden van de Rijksweg een spoorlijn lag, namelijk de tram van de
Maas-Buurtspoorweg (MBS) aan de ene kant en de militaire spoorlijn
aan de andere kant. In Milsbeek verliet de militaire lijn de weg.
Op een ADAC-kaart 1:20.000 is tussen de Meerkamp en de
Driekronenstraat een langgerekte groenstrook te zien: dit markeert
vermoedelijk het tracé. Er is daar ook een wisselplaats met twee
kruisingssporen geweest, genaamd Forest Loop,
waarschijnlijk vernoemd naar het naburige Reichswald. Forest
Loop werd bewaakt door Britse militairen die permanent in een langs de baan geplaatste goederenwagen (een voormalige
luchtbeschermingswagen) verbleven.
De
spoorlijn liep verder parallel aan de Aaldonksestraat (ca. 100
meter zuidelijk ervan) en boog juist voorbij het klooster Maria
Roepaan bij Ottersum scherp naar het zuiden, kruiste de Niers waar
voor de gelegenheid een spoorbrug was gebouwd (en een wagenbak
stond), liep langs de hoeve 't Oord en de Oordseweg en sloot
tenslotte bij km. 50.0 of 50.1 (bij het militaire terrein
op de Looier Heide) aan op de spoorlijn Boxtel-Goch: Hommersum
Junction. Op 27
februari was de lijn gereed en reed er als eerste een benzinetrein
over de spoorlijn. Het spreekt vanzelf dat, gezien de recordtijd
waarin de Hawkins Link was aangelegd, de uitvoering van de
spoorlijn nogal provisorisch was. Er mocht dan ook niet sneller
dan 30 km/h gereden worden. Niettemin schijnen er zich wel diverse
ontsporingen te hebben voorgedaan.
Vanaf
Hommersum Junction konden de militaire transporten de reeds
bestaande Boxteler Bahn volgen die via Hommersum en Hassum liep en
vlak voor Goch de Niers weer overstak.
Hoevéél en wát voor soort militaire transporten er hebben
plaatsgevonden is niet bekend. In de laatste weken van de
oorlog, toen het front zich steeds dieper in Duitsland verplaatst
had, werd de lijn hoofdzakelijk nog bereden door treinen voor
verlofgangers en gerepatrieerden. Op 11 juni werd de exploitatie
van de lijn door de NS overgenomen. Forest Loop heette
vanaf die datum station Milsbeek en Hommersum Junction
werd omgedoopt tot Gennep Aansluiting.
Bron
Terug
naar geschiedenis
|
|
Anekdote
Bronzen
dolk uit de Maas
Op de webpagina
van de Werkgroep Archeologie Cuijk staat de volgende anekdote te
lezen.
In januari 1997 was het peil
van de Maas 3 tot 4 meter lager dan normaal. Deze situatie hield
verband met de opening van de stuwen ter voorkoming van ijsvorming
en schade aan het mechaniek ervan. De lage waterstand bood de
mogelijkheid aan de oevers speurwerk te doen. Op mijn vaste
visplek in Milsbeek bij kilometerraai 158 had ik door de golfslag
van een passerend Schip mijn visspullen, waaronder een gloednieuw
leefnet, verspeeld. Met de verlaagde waterstand hoopte ik mijn
leefnet terug te vinden. Tijdens de zoektocht zag ik in het
ondiepe water een stuk ijzer (of zoiets) liggen. Het voorwerp was
volledig bedekt met mosselen. Toen ik met een steen probeerde een
stukje schoon te krabben zag ik dat het brons was. Thuis heb ik
het voorwerp verder schoongemaakt en tot mijn verbazing kwam er
een bronzen dolk te voorschijn. Na melding van de vondst aan prof.
J.J. Butler heeft deze de dolk in 1998 gedetermineerd. Diens
voorlopige conclusie luidt dat we hier te maken hebben met een
dolk van het type Appleby.
Waarschijnlijk gaat het om een importstuk uit Engeland in de
periode van ca. 1200-100 voor Chr. De lengte is 27,5 cm, de
breedte 2,9 cm en de dikte bedraagt 0,6 cm. Het voorwerp is zeer
goed bewaard gebleven. De randen zijn scherp.

Terug
naar geschiedenis
Bron
|